Ouderverstoting een risico bij stiefsystemen

Wat als de wereld van een kind zich opsplitst, omdat het niet van zijn vader of moeder mag houden, na de scheiding? Wat als de ene ouder blijft afgeven op de andere ouder. En wat als het nieuwe stiefsysteemlid ook tegen de andere ouder strijdt? Wat als  daardoor het kind klem komt te zitten tussen zijn ouders en nieuwe stiefsysteemlid? Dan moet je als kind beschermd worden en het gezinssysteem begeleidt. Want een kind is voor vijftig procent zijn vader en voor vijftig procent zijn moeder. Bij ouderverstoting betekent dat, dat een deel van het kind er niet mag zijn. Dat het zich alleen kan identificeren met het ene ouderdeel die het meest aan het kind trekt. Het kind splits zich op verliest zijn eigen identiteit, raakt uitgeput, wordt ziek en wordt in een slepende strijd steeds verder beschadigd.

Wanneer ouders hun scheiding niet goed afhechten blijven zij beiden emotioneel met elkaar verbonden. Niet meer als geliefden maar in het ergste geval als vechtende ouders. Een gevecht die jaren kan duren en die gaat van kwaad tot erger. Kinderen worden als kindsoldaten ingezet om het gevecht tussen de ouders kracht bij te zetten. Kinderen laten zich, loyaal als zij zijn naar hun ouders, hiervoor gebruiken. Het kind weet niet meer welke ouder te geloven of wat het moet geloven, wanneer het dag in dag uit geconfronteerd wordt met ouders die in elkaars ogen niet goed zijn. Ouders die elkaars tekortkomingen, die er altijd al zijn geweest, nu uitvergroten en tegen elkaar uitspelen.

Toen de ouders nog bij elkaar waren, rekenden zij elkaar niet af op de dingen waarin zij tekort schoten. Sterker nog, zij losten het samen op of namen het voor elkaar op. Want als ouders ondermijn je elkaars gezag immers niet. Na een scheiding is alles anders, het lijkt of het zicht van deze ex-geliefden zo vertroebeld is door blinde woede, met een onderlaag van rouw en verdriet, dat zij niets meer kunnen zien, horen of voelen. De kinderen worden volkomen uit het oog verloren. Ouders zetten hun woede voor elkaar, boven de liefde voor hun kind.

De komst van een nieuw stiefsysteemlid geeft enorm veel stress bij een kind. Wanneer deze dan ook nog mede benadrukt hoe slecht de niet inwonende ouder is, wordt het voor een kind onmogelijk gemaakt om loyaal te blijven aan de ouder die op deze manier verstoten wordt. Want dat is wat erin sluipt, de andere ouder wordt buitengesloten en het nieuwe stiefsysteemlid neemt steeds meer de plek in van die biologische ouder. Vaak omdat dit nieuwe systeem graag als een kerngezin wil zijn, en het liefst het vorige systeem uitwist. En wanneer ouders geen positie innemen en hun ouderlijke verantwoordelijkheid niet pakken, om samen ouders te zijn van hun kind, maar ook het nieuwe stiefsysteemlid geen gepaste positie inneemt als ondersteunende mede opvoeder, verliest het kind zichzelf. Het hoort dan eigenlijk nergens meer bij, offert zichzelf op, voelt zich diep van binnen leeg, het heeft geen vaste bodem meer om gezond op te kunnen groeien. Voor de buitenwereld is de worsteling van het kind vaak niet zichtbaar. Ook al zijn er vele signalen, je zoekt het meestal niet op het gebied van ouderverstoting, maar het sluipt er wel langzaam in.

Het is belangrijk dat er niemand wordt uitgesloten, want ieder hoort erbij en heeft zijn plek in het systeem, draagt zijn eigen rugzak. Een kind mag kind zijn en zijn ouders steunen en helpen het. Een kind mag eindeloos liefde ontvangen en nemen van zijn ouders zonder daar iets voor terug te hoeven geven. Ouders houden onvoorwaardelijk van hun kind.

Ouders en het nieuwe stiefsysteemlid hebben een hele verantwoordelijke taak, namelijk het opvoeden van een kind. Per kind heb je maar één kans om dit goed te doen.  Het is een voorrecht dat je dit mag en kan doen. Ouders blijven immers altijd ouders maar hoe wordt je, na je scheiding, partners in ouderschap? Dat begint allereerst met de vorige relatie goed af te hechten, voor je echt kunt beginnen aan het vormen van een nieuw gezinssysteem. Een stiefsysteem wordt gebouwd op een fundering van verdriet en rouw, daarom is een goede voorbereiding belangrijk. Het hele gezinssysteem dient hierbij begeleid te worden omdat het een complex proces is van onder andere afscheid nemen en opnieuw verbinden. Het stiefouderschap vraagt om bepaalde vaardigheden om dit goed vorm te kunnen geven.

Wanneer niemand wordt uitgesloten en ouders het kind de vrijheid geven om van hun beide te mogen houden, en om zich te verbinden met het nieuwe stiefsysteemlid, kan een kind “heel” blijven in verbinding met zijn biologische ouders. In dat geval  heeft het kind de meeste kans om gezond op te kunnen groeien in twee huizen, daar waar het warm is en waar het zich kan ontwikkelen en identificeren met zijn nieuwe stiefsysteem zonder zich op te hoeven splitsen of te moeten kiezen tussen zijn biologische ouders en nieuwe mede opvoeder. De stiefouder kan en mag niet de plaats innemen van een biologische ouder, dat roept al een disbalans in het energetisch veld van het kind. Er dient hier veel meer aandacht voor te zijn juist om de spanningen op dit gebied, bij een kind en  het gezinssysteem te beperken.

Hulp nodig of meer informatie, neem gerust contact op via https://www.stiefpunt.com/contact/

 

 

 

Opvoeden in een stiefgezin

Vandaag komen zij samen. Je zag en voelde de onderlinge spanning. Ze zitten nog niet of het gesprek begint, waarbij zij begint over zijn dochter, die de regels maar aan haar laars lapt en dat zij daar zo’n last van heeft. Dat ze zich niet gesteund voelt door hem, omdat hij niets daarvan zegt.

Dit gesprek zal gaan over, hoe je als stiefpartners samen kunt opvoeden. Ik geef allereerst aan dat opvoeden in een kerngezin al topstort is, laat staan in een stiefgezin. Beiden beamen dit. Het samenvoegen van twee opvoedstijlen, daar sta je als geliefden niet als eerste bij stil, in de eerste fase van de relatie. De meeste ouders en stiefouders denken vaak dat zij op één lijn liggen qua aanpak, en dat ze het heus wel kunnen.” Vaak onvoorbereid  op wat ze staat te wachten, gaan ze aan de slag.

Totdat ze samenwonen en merken dat ieder, ook de kinderen andere ideeën daarover hebben en de samenhang ontbreekt. “Precies”, zeggen ze beiden, neem alleen het weekend.” Ieder doet maar wat. Totaal geen samenwerking, afstemming laat staan structuur of verbinding”….. “Wie spreekt dan wie aan en hoe doe je dat”, vraag ik? Ze kijken elkaar vragend aan. “Roep je de pubers uit bed zodat ze ook kunnen ontbijten om daarna af te ruimen? Of doe je alles gewoon zelf om de kinderen te ontzien?” “Wij hebben alles al geprobeerd maar niets werkt, daarom weten we het ook echt niet meer”, zeggen zij. “Het gevolg is dat we nu maar zoveel mogelijk zelf doen, maar doodop zijn en ruzie met elkaar krijgen over elkaars kinderen en de verschillende opvoedstijlen. Door de spanningen over de opvoeding, vragen de kinderen nu steeds of wij ook weer uit elkaar gaan?

“De irritaties lopen op. Ik ben laatst flink uitgevallen tegen zijn oudste zoon, die voor de zoveelste keer het wc-papier niet had aangevuld. Hij gaf mij toen ook nog een grote mond. Dan wijst zij naar haar partner en zucht….  “Hij hoort dit, komt aangelopen, vult het wc-papier aan en zegt verder niets tegen zijn zoon. Hij gaat gewoon verder met waar hij mee bezig was, terwijl ik heel erg gefrustreerd daar stond …..”

Dan begint hij te vertellen. “Op zondag samen ontbijten leek ons heel gezellig. Maar dat valt erg tegen. Het begint al met opstaan en gebruik maken van de badkamer. Ieder heeft daarbij zijn of haar tempo, er wordt geen rekening gehouden met de ander. Vervolgens aan tafel ruzie om wie naast wie mag zitten, wie er helpt met tafeldekken, wie afruimt. Tegen de tijd dat iedereen klaar is voor het ontbijt, hebben wij als ouder en stiefouder al vele blikken met elkaar gewisseld die niet steunend zijn. We laten het nu maar zo en hopen dat het vanzelf  gewoon wordt en hopelijk ook gezellig”……

De partners kijken mij aan en zeggen ….”Maar het gaat niet over, het wordt alleen maar erger. Ik weet niet hoelang ik dit nog vol hou, ik voel mij niet gelukkig,” zegt zij. Ik geef aan dat het niet vanzelf zal gaan. Zij als opvoeders zullen samen de structuur erin moeten brengen en hun grenzen moeten aangeven, nog veel meer samen afstemmen en elkaar als partners steunen.

Ze krijgen  alvast wat tips mee voor aan tafel, zodat ieder zijn vaste plek heeft en hoe daarmee rust en balans te creëren. Verder stel ik voor om een “Stiefberaad” te organiseren. Het is belangrijk om de kinderen te betrekken. Ieder kan iets inbrengen om te leren hoe je als stiefgezin in één huis, prettig kunt wonen. En hoe ieder daaraan een bijdrage kan leveren. Het doel is dat ieder zich prettig voelt in de nieuwe situatie,  dat zij elkaar beter leren kennen, dat er samen wordt gewerkt en er gedeelde verantwoordelijkheid is over het reilen en zeilen binnen het stiefgezin.

Ik geef ze als opdracht mee, hoe zij dit als opvoeders alvast samen kunnen voorbereiden. Zij gaan opgelucht en hoopvol weg. Het is een beginpunt waarmee ze weer verder kunnen om hun stiefgezin nog beter te vormen. Ik sluit het gesprek af met te zeggen dat zij eigenlijk, nu pas, écht met de voorbereiding van het samenvoegen van de twee gezinnen beginnen…..

Stiefvader in spagaat

Stiefpunt 2018

Hij is hier omdat het thuis niet lekker loopt en zijn vriendin vindt, dat hij ook maar eens naar Stiefpunt moet om te praten. Of hij dit zelf ook echt vindt zal verder in het gesprek helder worden. Terwijl ik koffie inschenk kijkt hij om zich heen en geeft aan wat een rust er uit de ruimte spreekt. Ik vraag of rust iets is waar hij over wil praten en zo begint ons gesprek.

Deze stiefvader heeft zelf 2 kinderen, die om de twee weken komen en zijn vriendin heeft 3 kinderen die bij hun wonen. Hij had nooit gedacht dat hij ooit een groot gezin zou hebben. Toen hij zijn huidige vriendin leerde kennen, vonden zij het al vrij snel fijn en praktischer om te gaan samenwonen. Hun gedachte was hoe sneller je samen bent hoe sneller je als een normaal gezin kunt gaan functioneren. Maar daar is hij nu toch wel van teruggekomen. Het is veel ingewikkelder dan hij in eerste instantie dacht. De spanningen zijn groot, steeds vaker zijn er irritaties tussen hem en zijn vriendin. Ook begint zijn ex zich met hun te bemoeien, omdat de kinderen bij haar klagen over hem en zijn nieuwe gezin.

Zelf vindt hij dat zij beiden hard werken om het met z’n allen gezellig te hebben. Dit lukt helaas nog niet echt. Zodra zijn kinderen in het weekend komen, bouwt de spanning bij hem op en probeert hij van alles te doen om ieder te ontzien en te ontlasten. Hij is dan bezig om het iedereen naar de zin te maken. Hij  heeft dan geen enkel moment rust. Op maandag begint hij vermoeid aan zijn werkweek.  Het liefst zou hij het op dit moment allemaal willen ontvluchten, om vooral bij te kunnen komen. Hij is moe van de verwijten, zoals “dat hij zijn kinderen meer aandacht geeft dan zijn stiefkinderen. Dat hij niet consequent is naar zijn eigen kinderen en streng naar zijn stiefkinderen. Dat hij zijn vriendin te weinig aandacht geeft wanneer zijn kinderen er zijn”…….

Hij vindt zichzelf enorm tekortschieten, zucht en laat vermoeid zijn hoofd hangen. “Wat kan ik nog meer doen of anders?” In mijn vorige relatie gingen de dingen vanzelf, toen hoefde ik niet na te denken of ik iemand tekort deed. Ik kom niet meer aan mijzelf toe. Ik ben moe en voel me onzeker in wat ik doe”.

Na zijn stortvloed van woorden, geef ik hem eerst een compliment. “Dappere stiefvader, wat goed dat je hier nu bent en hardop uitspreekt dat je in spagaat staat. Ik vertel hem dat er bij Stiefpunt gewerkt kan worden aan de stappen die nodig zijn om vanuit eigen kracht een succesvol stiefgezin te worden. Dat kan echt, maar dan wel samen. Een stiefgezin is net als een fusie en vraagt om een zorgvuldige voorbereiding met alle partijen. Er lijkt een last van zijn schouders te vallen.

Er wordt op zijn verzoek een nieuwe afspraak ingepland om terug te komen, dit keer samen met zijn vriendin.

Stiefmoeder burn-out

Zij oogt vermoeid en zit huilend aan mijn praktijktafel. Dit keer komt zij alleen. Zij begint ons gesprek met, “ik vind er echt niks meer aan, ik weet het echt niet meer! Wat nu?” Ik schenk een kopje thee in, haar oog valt op een klein stress-balletje in een bakje op mijn tafel. Zij pakt dat balletje, knijpt er zachtjes in en zegt, “en zo voel ik mij op dit moment, totaal uitgeknepen, opgebrand, leeg…. Ik heb zoveel gegeven ik kan niet meer…”

Lees verder

Stiefgezin Stiefpunt

Vakantie met het (stief)gezin

Ze hebben elkaar net 4 maanden voor de zomervakantie leren kennen. Zij heeft twee kinderen en hij ook. De kinderen hadden gelijk een klik. Dat sterkte de geliefden in de keuze voor elkaar. Zei maken toekomstplannen. Te beginnen met de eerste vakantie samen.

Lees verder